Modelspoorbouw

© Huib Maaskant

© Huib Maaskant

Verbeelding is een krachtig menselijk vermogen. Onze oer-ouders tekenden al afbeeldingen op de wanden van de grotten en spelonken waarin ze leefden. Kennelijk vormt de behoefte om de werkelijkheid in creatieve uitingen na te bootsen een belangrijke drijfveer. De één bouwt poppenhuizen of schildert aquarellen, de ander creëert een eigen werkelijkheid in computersimulaties.
En dan is er de categorie mensen die modelspoorbaantjes aanlegt: doorgaans zijn dat jongens van onder de 15 of mannen van boven de 55 jaar oud. Daar tussenin hebben we wel iets anders aan ons hoofd… 😉

Ook mij verging het aldus. Op jeugdige leeftijd kreeg ik tijdens een Sinterklaasviering een Märklin (H0) spoorovaaltje met locomotief en enkele rijtuigen van de goedheiligman cadeau. Gaandeweg breidde het emplacement zich uit, en moest er een timmerman aan te pas komen om een opklapbare treintafel ineen te spijkeren. Maar ja, weer iets later diende de puberteit zich aan, en vond ik andere bezigheden. Mijn H0-set verdween in een kast, en werd twintig jaar later tenslotte bij een inbraak ontvreemd.

Toen ik een man van (zéér) middelbare leeftijd was geworden en – niet langer afgeleid door andere zaken – de liefhebberij uit m’n knapenjaren hervond, moest ik aldus opnieuw beginnen. In ruim veertig jaar bleek er veel te zijn veranderd in de modelspoorwegwereld. Voortgaande miniaturisering en digitalisering hebben extra dimensies toegevoegd, en daarmee rees de vraag: waar kies ik voor?

Een beperkt budget en dito ruimte deden me na ampele overweging uiteindelijk besluiten tot de aanleg van een kleinschalig N-spoortje (=1:160), maar met voldoende mogelijkheden tot uitbreiding, desnoods door middel van een extra niveau met een schaduwstation. Het moest echter wel beperkt blijven, dus geen veelsporig stadstafereel maar integendeel een lokaal nevenlijntje in een landelijke omgeving. Een voorbeeld:

© F. Kalkman (kijktijd 14:55)

Ontwerp

Hoe begin je aan zoiets? Met een schetsblok natuurlijk! Maar alras viel mijn oog op een handig (en gratis*) computerprogramma, waarmee aanpassingen in het ontwerp veel sneller konden worden bewerkstelligd. Dat programma heet SCARM, hetgeen een afkorting is van Simple Computer Aided Railway Modeller. Eenmaal ongebreideld bezig liep mijn voorziene investering echter toch alweer gauw in de papieren, en het moet natuurlijk wèl leuk blijven voor de portemonnee. Ik bedoel: het moet niet m’n particuliere ‘miljoenenlijntje’ worden… zelfs niet in centen uitgedrukt. Dan dus maar iets eenvoudigers: uitbreiden kan altijd nog.


Noot: ten tijde van schrijven was SCARM nog kosteloos beschikbaar, doch inmiddels moet voor een volledig werkende versie US$ 39,90 worden neergeteld.


Om de verbeeldingskracht een extra impuls te geven, schafte ik voor nog geen drie tientjes het computerprogramma 3D-Modellbahn Studio aan, waarmee een eenmaal ontworpen treinbaan op een beeldscherm bewegend tot leven kan worden gewekt.

Al aanrommelend kwam ik tot de slotsom dat ook digitalisering onvermijdelijk zou worden. Een korte rondgang over het internet en een bezoek aan de jaarlijks in Houten georganiseerde RAIL-expositie (annex beurs) leerde me dat zulks met gebruikmaking van kosteloos verkrijgbare computerprogramma’s als Koploper of Rocrail betrekkelijk eenvoudig te bereiken is.

© Kees Moerman & Paul Haagsma (kijktijd 16:46)

Het is mijn intentie om met een eenvoudig proefbaantje te beginnen teneinde de werking van alle samenstellende elementen goed te doorgronden en te testen. Daarbij heb ik me ten doel gesteld binnen een beperkt aanvangsbudget te blijven.

Alle vervolgstappen in mijn planning en de uiteindelijke bouw zal ik zo nauwkeurig mogelijk trachten te beschrijven, zodat men deelgenoot kan worden van de hele route die ik bewandel op weg naar een bevredigend eindresultaat.


Lees verder: N-Spoor